Cao Gemeenten2025-2027 · helder uitgelegd

Hoofdstuk 6 · Vakantie en verlof

Artikel 6.5 Verlofsparen

Cao Gemeenten 2025-2027

Officiële tekst

  1. De werknemer kan verlofsparen.

  2. De verlofspaaruren verjaren niet.

  3. De bronnen van de verlofspaaruren zijn:

    1. het verlof uit de overwerkvergoeding in artikel 3.19 lid 6, onder b;

    2. de bovenwettelijke vakantie-uren gekocht uit het IKB in artikel 4.3 lid 1, onder a;

    3. de bovenwettelijke vakantie-uren uit artikel 6.2;

    4. de bovenwettelijke vakantie-uren bij onregelmatig werken en beschikbaarheidsdienst in artikel 6.3.

  4. De werknemer kiest uit lid 3 welke uren hij spaart.

  5. De werknemer met een voltijdsdienstverband mag op 31 december van een kalenderjaar maximaal 3600 uren verlof hebben. Hieronder vallen de verlofspaaruren, de wettelijke vakantie-uren, de bovenwettelijke vakantie-uren en andere (compensatie)verlofuren.

  6. Als de werknemer verlofspaaruren opneemt voor een periode van een maand of langer, gelden de leden 7 tot en met 13.

  7. Het spaarverlof:

    1. duurt minimaal 1 maand en maximaal 18 maanden in een periode van 5 jaar;

    2. wordt voor maximaal 1 periode per kalenderjaar gegeven.

  8. De werkgever kan afwijken van lid 7.

  9. De werknemer dient het verzoek minimaal 3 maanden voor de gewenste ingangsdatum in.

  10. Het spaarverlof kan tussentijds niet worden beëindigd. Dit kan alleen als de werkgever en de werknemer hiermee instemmen.

  11. Een verzoek om spaarverlof direct voorafgaand aan de pensionering wordt voor maximaal 36 maanden toegekend, tenzij zwaarwegende bedrijfs- of dienstbelangen zich daartegen verzetten.

  12. Is de werknemer die voor een deel van zijn formele arbeidsduur verlofspaaruren opneemt, arbeidsongeschikt, dan eindigt het verlof met ingang van de vijftiende kalenderdag van arbeidsongeschiktheid.

  13. Is de werknemer, die voor zijn volledige formele arbeidsduur verlofspaaruren opneemt, langer dan 14 kalenderdagen arbeidsongeschikt, dan kan de werkgever in schrijnende gevallen besluiten het spaarverlof te beëindigen. Dit kan niet wanneer er sprake is van spaarverlof voorafgaand aan pensionering.

  14. De werknemer neemt voor het einde van de arbeidsovereenkomst zijn verlofspaaruren zoveel mogelijk op in overleg met de werkgever.