Hoofdstuk 3 · Salaris, salaristoeslagen en vergoedingen
Artikel 3.15a Garantietoelage nachtdiensten
Officiële tekst
De werknemer die gebruik maakt van de vrijstelling van nachtdiensten in artikel 5.6 heeft recht op de garantietoelage als:
hij zonder onderbreking van meer dan 3 maanden gedurende minimaal 10 jaar in nachtdiensten heeft gewerkt; en
hiervoor de toelage onregelmatige dienst heeft ontvangen.
Het bedrag van de garantietoelage wordt berekend door een percentage te nemen van de verlaging van de toelage onregelmatige dienst bij het stoppen met nachtdiensten. Het bedrag van de verlaging van de garantietoelage wordt berekend door te kijken naar het verschil tussen de toelage onregelmatige dienst met nachtdiensten en de nieuwe toelage onregelmatige dienst zonder nachtdiensten.
De leeftijd van de werknemer waarop hij stopt met de nachtdiensten, is bepalend voor de hoogte van het percentage. De percentages staan in onderstaande tabel:
Leeftijd waarop de werknemer stopt met de nachtdiensten Percentage tot aan AOW-leeftijd of einde arbeidsovereenkomst 55 jaar 20% 56 jaar 30% 57 jaar 40% 58 jaar 50% 59 jaar 70% 60 jaar 80% 61 jaar 90% 62 jaar en ouder 100%
Als de hoogte van het bedrag van de toelage onregelmatige dienst met nachtdiensten wisselde, geldt het gemiddelde van de voorgaande 12 maanden.
De garantietoelage wordt verrekend met een salarisverhoging die de werknemer krijgt als hij een hoger gewaardeerde functie gaat uitoefenen.
Dit artikel geldt niet als voor de werknemer betere voorzieningen zijn getroffen in een sociaal plan.
Als de werkgever op 5 december 2025 lokaal een garantieregeling voor de vrijstelling van nachtdiensten heeft met een hogere toelage, blijft die gelden.